800 km fietsen in 8 dagen, de grens van Vlaanderen volgend. Dat was het doel van Jasper en ik terwijl Lieze de Belgische driekleur in China verdedigde en Bram Tessenderlo onveilig maakte op Chirokamp. Enkele jaren geleden gepland om na elke rit te bivakkeren, maar uiteindelijk toch 2 campings tussen gestoken omdat Jasper mee ging.

823 km in 48u langs de grens van Vlaanderen
Enkele cijfers:
- 823 km. 48u rijtijd.
- 3216 hoogtemeters (het leken er véél meer).
- 17 km/u gemiddeld. 54 km/u maximum.
- Minimum 25°C, maximum 39°C.
- Hartslag gemiddeld 115 bpm, maximum 158 bpm (op de Zwarteberg de eerste dag)
- Slechts 450 km voorbereiding wegens een hamstringblessure
- 8 versies van mijn route tot ik de goeie te pakken had.
- 31 liter water gedronken
- 2 paar kousen, 2 wielerbroeken en 2 shirts 3x gewassen.
- 200 ml zonnecrème gebruikt. 1 spuitbus deo gebruikt.
- 567 EUR gespendeerd, waarvan 350 EUR voor de Burley Nomad kar (een aanrader), 75 EUR voor de tent (omdat mijn Quechua gooitent niet in de kar paste), 50 EUR voor een beter/kleiner kookstel, ±150 EUR aan ter plaatse gekocht proviand.
- 382 foto’s of filmpjes
In de week voor de Vlaamse feestdag op 11 juli 2026 reed ik de grens van Vlaanderen af. Een tocht van 823 km langs alle soorten wegen en paden. Los zand, kasseien, gravel, asfalt, beton, klinkers, tegels, gras, modder… alles passeerde onder mijn wielen.
Achter mijn fiets: een karretje met daarin alles wat ik nodig heb: een tent, een slaapmatje, een slaapzak, een kookstel, een pannetje, een vork, water, eten, kleren, …
Dag 1: Vlamertinge – Russeignies (Ronse)





Jasper en ik vertrokken om 09u00 in Vlamertinge richting de Franse grens. De Zwarteberg was meteen een stevige eerste opdracht. We slalomden over en tussen heuvels, passeerden enkele Plugstreets en reden dwars door de kleinste stad van België: Mesen.
Na bijna 4u fietsen zaten we nog maar halverwege de eerste rit, maar beloonden we onszelf toch al met een lekkere Vlaamse stoofvlees-friet in Menen langs de Leie.
We zetten onze tocht verder en na Moeskroen gepasseerd te zijn, zagen we de volgende heuvelzone al opdoemen. Hoewel de Kluisberg pal op de grens ligt, lieten we die toch links liggen. We zaten wat achter op schema en de benen waren moe. Het is een klein beetje zeuren, maar met 40 kg achter de fiets is zelfs vlak terrein een beetje klimmen. De tocht is nog lang en het heeft geen zin de eerste dag al te forceren.
Na heel wat klimmen en dalen kwamen we aan bij de eerste overnachtingsplek in Russeignies. We logeerden er in de tent in de tuin van heel vriendelijke mensen. We maakten een kampvuur en gingen slapen.
De nacht was ijzig koud. Nog nooit heb ik in een tent zo koud gehad, zelfs niet in de Alpen of de Pyreneeën. Achteraf gezien denk ik dat onze tent boven op een regenput stond. Ik zie geen andere verklaring voor de extreem koude en vochtige lucht in onze tent.
https://www.strava.com/activities/19167177752
Dag 2: Russeignies – Beauvechain








2u later dan voorzien konden we om 10u00 vertrekken. We hebben iets langer geslapen, want eens de zonnestralen op de tent begonnen te schijnen, werd het aangenamer. Het was ofwel vermoeid starten, of iets later vertrekken.
De lastige nacht had er stevig ingehakt. Vooral Jasper had het zwaar.
Om wat energie bij te tanken stopten we iets vroeger om te lunchen. Midden in het bos, maar het beterde niet. De heuvels bleven komen en Jaspers hoofd zakte bij elke beklimming. Uiteindelijk nam hij de beslissing om forfait te geven in Tubeke na 65 km. In totaal fietste hij in 2 dagen wel 170 km.
Omdat ik toen serieus achterliep op schema en op de volgende camping zeker vóór 19u moest inchecken, werd het nog een helse opdracht. Ik moest nog iets meer dan 50 km afleggen op een parcours dat zo goed als volledig de Brabantse Pijl Cycling Route volgde. Alsof dat nog niet genoeg was, moest ik ook nog het Meerdaalwoud doorkruisen.
Helemaal leeg gereden kwam ik een kwartier voor de deadline aan bij camping ‘Willow Camp’, een prachtig plekje. Een warme douche én een pizza maakten veel goed.
https://www.strava.com/activities/19181439327
Dag 3: Beauvechain – Maasmechelen




De nacht deed deugd en om 09u00 vertrok ik voor de langste rit van de tocht: 125 km door Haspengouw. De pittige, steile beklimmingen uit de Brabantse Pijl hadden plaatsgemaakt voor kasseien en gravelwegen. Een prachtig glooiend landschap, extra gekleurd met hier en daar wat donkergrijze regenwolken. Ik passeerde dorpsnamen waar ik nog nooit van gehoord had en zag in de verte Tongeren links aan mij voorbijgaan.
Enkele buien later stak ik het Albertkanaal over. Ik passeerde mergelgrotten en beklom de allerlaatste zware beklimming: de Muizenberg. Vanaf hier zou het hoofdzakelijk vlak blijven en er kon toch wel een vreugdekreetje vanaf.
Ik fotografeerde de eerste grenspaal (NL/BE) en vervolgde de tocht in de prachtige Maasvallei.
Iets na 17u kwam ik aan op het bivak in Eisden, in het Nationaal Park Hoge Kempen, met uitzicht op twee mijnschachtbokken. Meer retro dan dit kan je het niet hebben.
https://www.strava.com/activities/19194196963
Dag 4: Maasmechelen – Arendonk






Rust was er wel, een zachte ondergrond niet echt. De rug begon te protesteren, maar er was geen weg meer terug. Halverwege deze vierde dag zou het verder terugkeren zijn dan doorzetten. Mijn proviand raakte op, dus was het wat meer zoeken naar bakkers en winkels. Daarnaast was de rode draad van deze rit toch wel ‘Den Doodendraad’. Het lijkt wel alsof elke gemeente een reconstructie van deze ‘grensmuur’ wil. Ik passeerde er op dag 4 en dag 5 zeker een tiental. Veel natuur en typische Nederlandse gravelpaden passeerden de revue.
Na net geen 120 km mocht ik mijn tent opzetten in de tuin van een koppel dat op reis was. Ik kon hier mijn powerbank opladen, maar verder was het héél basic. Een composttoilet en koud water.
https://www.strava.com/activities/19204776167
Dag 5: Arendonk – Doel












Oorspronkelijk was dit de langste rit van de tocht, maar ik had al besloten deze in te korten: de pijn in de rug beterde niet en deed me zelfs twijfelen om op te geven. Puur op karakter zette ik toch door, ondanks de constante harde tegenwind. Tenslotte stonden op dag 5 twee toplocaties gepland: Baarle en Doel. Mijn mantra van de dag: “Doel is mijn doel”.
Baarle was druk, maar zeker de moeite om eens gezien te hebben. Het is gewoon leuk dat je de grens daar enkele keren zichtbaar kan kruisen met een paar pedaalslagen.
Wat volgde was een calvarietocht. Een saai landschap, eindeloze akkers, afgewisseld met eindeloze eikendreven geplaveid met klinkers waarover een fiets met kar amper bolt. Behalve een sporadische strook heide en de zoveelste eenzame grenspaal, was ik opgelucht eindelijk de Antwerpse haven te zien opdoemen. Maar o, wat is die groot. Er leek geen einde aan te komen, en als je dan verlangt naar wat rust, helpt het niet dat er voortdurend speedpedelecs voorbijrazen. Ik kwam 5 min te laat voor mijn geplande waterbus en kon bijgevolg 25 min uitwaaien op de Schelde. Fort Lillo gunde ik enkel een blik van veraf.
De beloning was echter fantastisch. Na nog een trip langs Fort Liefkenshoek en duizenden zeecontainers kwam ik aan in Doel. Fans van mooie graffiti moeten hier zeker niet zijn. Kunstzinnig is het niet. Verlaten was het er allerminst. Ik had er niet zoveel wandelaars en fietsers verwacht. Een spookdorp is het dus zeker niet. Prachtig is het er wel. Je ziet er duidelijk hoe de natuur floreert zodra de mens afwezig is.
Ik kookte er mijn avondmaal naast de voormalige voetbalkantine en nam er een warme douche met zicht op de koeltorens van de kerncentrale. Echt een unieke locatie.
https://www.strava.com/activities/19219504395
Dag 6: Doel – Eede




De op één na kortste rit gaf me de ruimte om iets langer te blijven liggen. Achteraf gezien was dat misschien geen goed idee. Het werd een zeer warme dag in een polderlandschap met weinig bomen. De zon brandde genadeloos. Het duurde een uur voor ik een bakker vond, en nog eens een uur voor ik een bankje in de schaduw vond.
Ik reed de Albert Heijn in Sas van Gent voorbij en was voor ik het wist aangekomen op de camping, zonder avondeten.
Gelukkig was er een frituur in de buurt. Ik beloonde mezelf met (alweer) stoofvlees-friet, deze keer op Nederlandse bodem.
https://www.strava.com/activities/19230847958
Dag 7: Eede – Westende




Na 12u slapen en een rug die daar blijkbaar héél blij mee was, kwam de kortste rit van de tocht én de wind was gedraaid. Voor ik het besefte stond ik in Sluis, zoefde ik door het Zwin en vlamde ik de chichi van Knokke voorbij.
In no-time stond ik in Westende. Na 6 dagen afzien leek dit té gemakkelijk.
Jasper wou de laatste rit van de tocht ook nog meerijden en was van thuis alleen naar Westende gefietst. Ik reed hem tegemoet (zonder kar), maar die extra 18 km telt dus niet mee in het totaal.
https://www.strava.com/activities/19247445286
Dag 8: Westende – Vlamertinge

De laatste dag begon makkelijk. Wind in de rug, maar op de dijk was het niet vlot rijden. Kinderen in gocarts zijn ongelooflijk onvoorspelbaar, dus ik heb die dag mijn remmen meer versleten dan tijdens de hele tocht.
Vanaf De Panne ging het zuidwaarts, de laatste tientallen kilometers in. De wind begon weer af en toe in het nadeel te spelen, vooral in de Moeren.
Halverwege de rit, in Roesbrugge, konden we nog net voor sluitingstijd een burger eten, maar vooral even afkoelen in de airco binnen. Dit was de heetste dag van deze 8-daagse tocht. Hoewel de benen nog vlot draaiden, zat er toch niet veel fut meer in. De laatste twee doordeweekse klimmetjes van 4% leken wel cols van eerste categorie.
Gelukkig kon Jasper me wat uit de wind zetten. Hoewel hij dus niet de volledige ronde uitreed, fietste hij toch ook 300 km in 8 dagen (daar zit een “Langs de grens van West-Vlaanderen” in :D)
https://www.strava.com/activities/19258853942
Voor herhaling vatbaar?
Ik doe zelden dezelfde rit meerdere keren, maar ja: eigenlijk is het wel voor herhaling vatbaar. Ik vind het zelfs jammer dat ik geen extra dagen heb voorzien om de grens nog wat strikter te volgen. Het rijden met een aanhanger is echt wel een stuk lastiger. Dus wie weet… ooit nog eens zonder bagage. Of misschien zelfs de historische grens…
Je moet het minstens 1x in je leven gedaan hebben, dus ik zou het zeker iedereen aanraden.
Lessons learnt
- Best een pekkel aan de fiets voorzien.
- Ritten van >100 km zijn te lang met een kar.
- Bivakkeren is mijn ding niet echt. Ik prefereer een warme douche om zweet en zonnecrème af te wassen.
Een reactie achterlaten